long exposure of Ferris wheel

Beweging vastleggen op foto's

Bewegingsfotografie ontdekken

Als je wilt dat je foto's beweging uitbeelden, kun je de beweging bevriezen OF een creatieve vervaging toestaan zodat je foto's het idee van beweging uitbeelden. Afhankelijk van het doel van je foto kun je uit deze twee opties kiezen. Als je de beweging bevriest, kun je bijvoorbeeld de emotie op het gezicht van een tennisspeler vastleggen. Dit zal een heel ander bericht uitdragen dan een opname met een vervagende beweging over de tennisbaan. Beide opties kunnen even krachtig zijn.
Welke camera je ook gebruikt, er zijn meerdere technieken om beweging zo effectief mogelijk vast te leggen, terwijl je je creativiteit toepast en een verhaal vertelt via je foto's. Canon-tutor Brian Worley legt uit hoe je het beste uit je camera kunt halen. Hij heeft ook handige tips voor het filmen met je LEGRIA en hij legt uit hoe je dynamische foto's boordevol beweging kunt printen met je PIXMA-printer.

Aan de slag:

Denk eraan - kinderen en kleine dieren zijn razendsnel!

Als er kleine kinderen en honden door het park om de hoek rennen, kun je goed zien hoe snel ze bewegen, en vaak ook nog eens in onvoorspelbare richtingen. Ze veranderen snel van richting en van snelheid, dus soms heb je er een flinke kluif aan om kleine kinderen en honden mooi op de gevoelige plaat vast te leggen.

De modus Kids and Pets (Kinderen en dieren) op de camera is in zulke situaties ideaal, aangezien meerdere soort scherpstellingskaders worden gebruikt om er zeker van te zijn dat er op het onderwerp wordt scherpgesteld. Deze modus is nog effectiever als de onderwerpen zich minstens drie meter van de camera bevinden.

Op deze afstand kan de camera zich beter scherpstellen op het onderwerp. Als je onderwerp te dicht bij de camera komt, wordt het lastiger om erop scherp te stellen. Als je geen modus voor kinderen en dieren hebt, kun je de camera continu opnamen laten maken en de Servo AF-modus gebruiken voor een haarscherpe automatische scherpstelling.

Grote sportstadions of concerten – zet de flitser uit

Als je de camera meeneemt naar een groot sportstadion kun je het beste de flitser uitzetten of voor de modus zonder flitser kiezen. De ingebouwde flitser is ontworpen voor onderwerpen die zich relatief dicht bij de camera bevinden, over het algemeen tot vijf meter afstand. Als je in stadions de flitser gebruikt, zal het grootste deel van de foto uit onderwerpen bestaan die verlicht worden door de flitser: over het algemeen de mensen in de stoelen voor je.

Aan de slag met de sportmodus

De sportmodus, die aanwezig is op EOS en veel andere camera's van Canon, is ideaal voor het automatisch bevriezen van een beweging bij een snelle actie en bij sportfotografie. De modus past de standaardinstellingen van de camera aan voor de optimale omstandigheden om een beweging te bevriezen, voor het volgen van bewegende voorwerpen en voor het maken van continue opnamen.

- Voor het fotograferen van onderwerpen die zich op een grote afstand bevinden, worden er bij snelle sporten vaak lenzen gebruikt met een langere brandpuntsafstand. Door de sportmodus te gebruiken, optimaliseert de camera automatisch de gekozen sluitertijd voor de gebruikte lens.

- Als je de sportmodus gebruikt, zet de camera de scherpstelling niet vast als de sluiterknop half wordt ingedrukt. In plaats daarvan wordt het onderwerp gevolgd terwijl het dichterbij komt, verder weggaat of als het door het kader beweegt.

- Om je ervan te verzekeren dat de camera het onderwerp zo goed mogelijk volgt, kun je het onderwerp eerst in het midden van de zoeker plaatsen.

- Het is ook een goed idee om het onderwerp te volgen voor het zich op de ideale plek bevindt.

Lange lenzen

Lenzen met een langere brandpuntsafstand maken foto's met een beeldhoek die kleiner is dan die van het menselijk oog. Deze lenzen worden vaak gebruikt bij sport- en wildlifefotografie. Bij lenzen met een langere brandpuntsafstand verschijnen voorwerpen in de verte groter in het kader, zodat je je midden in de actie waant. Lenzen met een brandpuntsafstand groter dan 70 mm zijn lange lenzen of telelenzen.

De actie bevriezen

De Image Stabilizer helpt je bij het maken van scherpe opnamen door de cameratrilling te verminderen, wat bij het gebruik van lange zoomobjectieven veel voorkomt. Als je maximaal of vrijwel maximaal hebt ingezoomd, moet je de camera met beide handen stevig vasthouden voor het beste resultaat.

Gebruik een geheugenkaart met een hoge snelheidsklasse en een grote capaciteit

Als je beweging wilt vastleggen, is het verstandig om een continu-opname te maken zodat je nooit het mooiste moment zult missen. Hier zijn een paar handige tips & tricks:

- Stel de transportmodus in op Continuous om een reeks foto's te maken terwijl de sluiterknop is ingedrukt.

- Gebruik geheugenkaarten met een hoge snelheidsklasse en een grote capaciteit zodat de camera in een opnamereeks meer opnamen kan maken.

- Stel de camera zo in dat hij bij de langste continue opnamereeks JPEG-opnamen maakt.

Pannen: de camera meebewegen met het onderwerp

Het volgen van het onderwerp met de camera heet 'pannen'. Het is een vaardigheid die je onder de knie moet krijgen, dus blijf oefenen.

Fietsers zijn dankbare bewegende onderwerpen als je je vaardigheden wilt verbeteren. De ideale foto met panning wordt gemaakt als je de camera met dezelfde snelheid beweegt als het belangrijkste onderwerp. Op die manier lijkt dat onderwerp bevroren terwijl de achtergrond vervaagt vanwege de beweging. Bij het fotograferen van voertuigen lijken de wielen te draaien, maar het voertuig steekt duidelijk af tegen de vervagende achtergrond.

Je kunt ook pannen om een groep bewegende onderwerpen te fotograferen, zoals auto's op een racebaan. Door de combinatie van een scherpe auto en een vage achtergrond spat de actie van de foto.

Bij onderwerpen die langzamer bewegen, kun je ook de modus Shutter Priority (Tv) (Sluitertijdvoorkeuze (Tv)) gebruiken en zelf de sluitertijd instellen.

Geavanceerde Tips & Tricks:

Shutter Priority (Tv) (Sluitertijdvoorkeuze (Tv)) of handmatige belichting

Als je de geavanceerde functies van je EOS onder de knie hebt, kun je experimenteren met de modus Shutter Priority (Tv) (Sluitertijdvoorkeuze (Tv)), die de beweging van je onderwerp kan bevriezen of juist kan laten vervagen.

Met de modus handmatige belichting (M) heb jij de belichting in handen. Deze modus is erg in trek bij professionele fotografen. Door een paar instellingen te proberen, leer je welke het beste bij jouw stijl passen en hoe je de beste resultaten behaalt.

De sluitertijd aanpassen

De manier waarop beweging wordt afgebeeld op foto's is voornamelijk afhankelijk van de gekozen sluitertijd. Kortere sluitertijden bevriezen de beweging, terwijl langere sluitertijden de beweging met een onscherp effect vastleggen. Het is echter belangrijk om de sluitertijden in te stellen op basis van de snelheid van je onderwerp. Voor het vastleggen van de beweging van een raceauto heb je een kortere sluitertijd nodig dan voor het vastleggen van iemand die voorbij loopt.

De tijd dat de sluiter geopend is, wordt gemeten in seconden - of beter gezegd, in fracties van een seconde. Als de sluiter heel kort geopend is, zal de camera een bewegend voorwerp vastleggen alsof dit bevroren is.

Korte sluitertijden komen over het algemeen neer op 1/500ste van een seconde of korter. EOS-camera's kunnen vaak een sluitertijd van 1/4000s of zelfs 1/8000s halen. Als je een bewegend onderwerp wilt vastleggen met een vervagend effect, heb je juist een lange sluitertijd nodig. Lange sluitertijden beginnen meestal bij 1/30ste van een seconde, hoewel EOS-camera's ook sluitertijden tot maar liefst 30 seconden hebben.

Image Stabilizer 2 voor pannen

Veel van Canon's langere objectieven hebben meerdere modi voor Image Stabilizer: kies indien mogelijk modus 2 met de schakelaar aan de zijkant van de lens als je met je onderwerpen meebeweegt. Denk eraan:

Je kunt in elke richting pannen, zowel horizontaal als verticaal.

Het is het beste om je onderwerp al te volgen voor je de ontspanknop indrukt en om het ook nog te blijven volgen nadat de belichtingstijd is afgelopen. Zo ontwikkel je een consistente snelheid bij het bewegen van de camera tijdens het pannen.

Als je een objectief met Image Stabilizer gebruikt, is het mogelijk dat deze geen keuzeschakelaar heeft. Dit betekent dat de lens de richting van het pannen detecteert en automatisch op IS-mode 2 overgaat.

Opnamen met meervoudige belichting

Een aantal recente EOS-camera's, zoals de EOS 7D Mark II en de EOS 5D Mark III, beschikken ook over een functie voor meervoudige belichting. Deze functie kan worden gecombineerd met de modus voor continue opname om meerdere fasen van een actie in één beeldkader vast te leggen.

Om optimaal gebruik te maken van deze meervoudige belichting, moet de achtergrond bij een donker onderwerp licht zijn: bij een licht onderwerp past een donkere achtergrond beter.

Time Lapse

Beweging draait niet altijd om razendsnelle actie: bij time lapse-fotografie worden er meerdere frames vastgelegd met regelmatige intervallen om een versneld verloop van beweging of tijd weer te geven. Als je de time lapse afspeelt, zullen bijvoorbeeld wolken snel door de lucht glijden. Kortom: bij time lapse zullen langzame voorwerpen en taferelen zich versneld voortbewegen.

Om time lapse vast te leggen, moet je met een regelmatige interval een lange reeks foto's maken. Er zijn drie mogelijke manieren om de foto's te maken:

Je kunt met de EOS Utility-software een reeks foto's maken met een regelmatige interval door de camera aan te sluiten met een kabel en de sluitertijd via PC of Mac te bedienen.

De Canon-afstandsbediening TC-80N3 is compatibel met meerdere EOS-camera's. Hiermee kun je de sluiterontspanner bij geprogrammeerde intervallen inschakelen.

De EOS 7D Mark II heeft een intervaltimer in het cameramenu zodat je de camera zo kunt instellen dat hij met vooraf aangegeven intervallen foto's maakt.

Zodra er een reeks foto's voor de time lapse is gemaakt, moeten de afbeeldingen achter elkaar worden gemonteerd voor een bewegend filmpje.

Probeer eens iets anders: beweging creëren met onscherpe zoom

Zoomburst of onscherpe zoom is een fotografisch effect waarbij de beweging van de foto spat. Probeer het eens met je EOS-spiegelreflexcamera, een zoomlens en een optioneel statief. Het effect houdt in dat je in- of uitzoomt terwijl je een foto maakt met een lange belichtingstijd, waardoor de foto vanuit het midden naar buiten toe onscherp wordt. Afhankelijk van de opname zal de foto boordevol beweging zitten of juist een abstracte look hebben. De beste resultaten krijg je door te experimenteren met timing, maar hier heb je vast een begin:

1. Selecteer de modus Tv op je EOS DSLR en kies een sluitertijd van 1 tot 4 seconden

2. Zoom helemaal in en stel scherp op het onderwerp. Vergrendel de scherpstelling door op de knop AF-on van de camera te drukken.

3. Als je geen statief hebt, kun je ergens tegenaan leunen om de camera zo stil mogelijk te houden.

4. Zoom nu, zonder de scherpstelling te veranderen, uit naar de grootste beeldhoek die je wilt vastleggen.

5. Druk op de ontspanknop en zoom in tot het onderwerp het kader weer vult. Probeer zo voorzichtig mogelijk in te zoomen.

Beweeg de camera om video's interessanter te maken

Video's worden een stuk interessanter als je de camera meebeweegt. Als het onderwerp ook beweegt, kun je zowel statische als gepande opnamen maken.

Bij statische opnamen moet de camera niet bewegen, maar met enige oefening kun je korte filmpjes ook zonder statief maken. Vergeet niet dat je bij een groothoekopname minder snel last hebt van camerabewegingen dan bij een ingezoomde opname. Voor de ultieme statische opname kun je het beste een statief of een andere vorm van ondersteuning gebruiken.

Statische opnamen zijn vaak ideaal voor het begin van een gebeurtenis. Begin met een groothoekopname om de context van de gebeurtenis of het onderwerp vast te leggen. Hierna zal de actie plaatsvinden en het onderwerp uit het kader verdwijnen. Zodra het onderwerp over de atletiekbaan beweegt, kun je het volgen door de camera met dezelfde snelheid mee te bewegen. Zo houd je het onderwerp steeds in hetzelfde deel van het kader. Dit kan best lastig zijn, maar houd de fragmenten kort. Met fragmenten kunnen de bewerkte video's een betere indruk geven van de snelheid.

Leg bewegende details vast met zowel statische opnamen als met opnamen waarbij je de camera meebeweegt. Richt de aandacht ook even op een klein en bewegend detail tijdens de gebeurtenis die je filmt. Zo heb je een handig fragment dat je later tussen de andere beelden kunt plaatsen om het verhaal beter te vertellen. Als je onderwerp een rennende atleet is, moet je niet vergeten om ook ingezoomde opnamen van de schoenen en voeten te maken.

Gebruik een combinatie van statische en bewegende opnamen

Het maken van video's draait om beweging en er zijn meerdere manieren om beweging uit te beelden via video-opnamen. Het bewegende onderwerp kan door het kader bewegen terwijl de camera stilstaat voor een foto, maar de camera kan ook worden verplaatst om te pannen of om het bewegende voorwerp te volgen.

Gebruik een combinatie van statische en bewegende opnamen om interessantere beelden te maken.

Als je iets filmt wat zich op een voorspelbare manier herhaalt, zoals atleten die een bepaald traject afleggen, kun je van tevoren bepalen hoe je de gebeurtenis wilt vastleggen.

Om de context van een tafereel duidelijk te maken, kun je beginnen met een groothoekopname. Daarna kun je overgaan op een kleinere beeldhoek, maar daarbij dien je de camera in een vaste positie te zetten.

Als de wedstrijd begonnen is, kun je een combinatie maken van opnamen waarbij je de camera beweegt en opnamen waarbij de camera is vastgezet. Vergeet niet om klaar te staan om de belangrijke finish vast te leggen.

Soms is het beter om de finish vast te leggen met een grotere beeldhoek: zo kun je alle deelnemers filmen die over de finish gaan. Zorg er wel voor dat je de camera kunt bewegen om de winnaar te volgen die zijn overwinning viert.

Het selecteren van de juiste instellingen voor prints boordevol actie

Je kunt je foto's printen met behulp van een PIXMA om je actieshots te laten zien. Met PIXMA-printers kun je prints van hoge kwaliteit maken met verbazingwekkende details. Zo maak je de mooiste prints:

• Kies het juiste papierformaat dat bij de foto past (zo kun je afbeeldingen met een hoge resolutie op papier groter dan A4 printen, als je printer dit formaat ondersteunt)

• Kies de juiste papiersoort voor het printen van prachtige kleuren (gebruik de PIXMA in combinatie met het brede scala aan fotopapier van Canon voor nauwkeurige kleurenprints)

• Verhoog de kwaliteitsinstellingen van het printerstuurprogramma om zoveel mogelijk details naar voren te brengen in de prints

Gebruik de My Image Garden-software in combinatie met de PIXMA

My Image Garden is een handige softwaretoepassing waarmee je eenvoudig je foto's kunt ordenen en printen. De software kan afbeeldingen uit video's printen met behulp van camera's van Canon. De software kan bovendien voor het printen meerdere afbeeldingen combineren tot één bestand. Kortom: als je een video hebt van een serverende tennisspeler, kun je de opname opbreken in afzonderlijke afbeeldingen en ze combineren om de hele serve in één print weer te geven.