imageFORMULA DR-6030C FAQ en Help

Wist u dat u veel storingen en problemen zelf kunt oplossen? Op deze FAQ pagina zijn veel gestelde vragen en handige Tips & Tricks om zelf tot een oplossing te komen.

Papierloop problemen voorkomen en oplossen

Met deze instructie willen wij u helpen papierloop problemen te voorkomen en/of op te lossen. Op deze manier heeft u uw machine maximaal tot uw beschikking. Papier is gevoelig voor schommelingen in de luchtvochtigheid. Vooral bij het uit/aan zetten van de centrale verwarming kan er vaker vochtig papier in de machine ontstaan omdat de omgevingstemperatuur plotseling wijzigt. Dit treedt vooral op in het voor –en najaar tijdens vakantieperiodes/lange weekenden. Met mogelijk papierloop problemen als gevolg.

Wat te doen bij storing?

Mocht uw machine toch papierloop problemen hebben, volg dan eerst onderstaande instructies voor u een papierloop storing meldt. Dit is het eerste wat de engineer zal uitvoeren. Deze werkzaamheden vallen buiten het servicecontract.

  1. 1. Neem al het papier uit de printer (om te voorkomen dat er uit een lade geprint wordt waar het papier niet uitgehaald is).
  2. 2. Pak een nieuw pak papier wat geacclimatiseerd is.
  3. 3. Haal het papier uit de wikkel of doos en maak het papier los.
  4. 4. Verwijder eerste en laatste vel en zorg ervoor dat er geen lijmresten van de wikkel op het papier zitten.
  5. 5. Leg het papier in de printer. De pijl op de wikkel/doos wijst naar de zijde van het papier die als eerste bedrukt moet worden.

NB: Indien er geen pijl op de wikkel/doos staat of u weet niet welke zijde eerst bedrukt wordt, test dan even welke zijde boven gelegd moet worden om het papier zo goed mogelijk door de printer te laten lopen. Als het papier door de machine bedrukt is, leg het dan op een vlakke ondergrond en kijk op welke manier het papier het minste krult of golft. Op deze manier kunt u bepalen welke zijde van het papier boven hoort. Mocht u na bovenstaande toch nog papierloop problemen hebben, kun u uw storing melden via: http://www.canon.nl/Support/support_voor_onze_zakelijk_klanten/index.aspx


Voorkomen

Wanneer u uw printer meerdere dagen aaneengesloten niet gebruikt is het raadzaam om het papier uit de printer te halen en in een papierwikkel of papierdoos op te slaan. De wikkel en doos hebben de eigenschap uw papier tegen vocht te beschermen. Als u de printer weer gaat gebruiken legt u het papier weer in de printer. Lees voor meer informatie over het opslaan van uw papier en achtergrondinformatie de volgende pagina.

Papier en luchtvochtigheid

De luchtvochtigheid van de omgeving kan invloed hebben op de verwerkbaarheid van kopieerpapier in de printer. De vezels in het papier zullen uitzetten of samen trekken bij wijzigingen in het vochtgehalte. Dit heeft invloed op de stijfheid en de formatie van het kopieerpapier.

Vocht en temperatuur

Wanneer er sprake is van een hogere relatieve vochtigheid (RV ) in de omgeving ten opzichte van het papier, zullen de papiervezels vocht opnemen en zwellen. Bij een lagere relatieve vochtigheid onttrekt de omgeving vocht aan het papier, waardoor de papiervezels samen trekken. Dit zwellen of samen trekken wordt ook wel deformatie genoemd. De optimale relatieve vochtigheid in de omgeving ligt rond de 55% bij 21°C.

Deformatie en papier

Veelvoorkomende gevolgen zijn dat het papier gaat krullen:


Randgolf  De papierranden zijn vergroot terwijl het midden gelijk is gebleven. Dit gebeurt wanneer papier is blootgesteld aan een omgeving met een hogere relatieve vochtigheid, ofwel koud papier komt in een warme ruimte. Het vocht condenseert op het papier en de vezels zwellen op.
Randgolf-icoon


Randverkorting  Het vocht het dichtst bij de rand van het papier wordt onttrokken waardoor de randen samen trekken terwijl het midden van het papier de originele afmeting houdt. Dit is het gevolg van lucht met een lagere relatieve vochtigheid dan het papier zelf.
Randverkorting-icoon



Krul  Wanneer papier zonder vochtwerend wikkel voor een langere tijd aan droge lucht wordt blootgesteld zal er krul ontstaan. Deze krul komt ook voor als gevolg van afkoeling na een snelle temperatuurstijging in de printer. Hierbij is over het complete oppervlak van het vel vocht uitgetreden.
Krul-icoon


Voorkomen

Vervormd papier kan vast komen te zitten in de printer en zet de printer daarmee in storing. U kunt dit voorkomen door preventief te handelen. Het is belangrijk dat de omgevingslucht in de opslagruimte van het papier en de ruimte waarin de wikkel wordt geopend dezelfde temperatuur en relatieve vochtigheid hebben. Zolang het papier in de verpakking blijft is de relatieve vochtigheid van de opslagruimte onbelangrijk. Er zal geen vochtuitwisseling optreden tussen opslagruimte en papier door het vochtwerende wikkel. Zodra papier geopend gaat worden in een ruimte met een andere temperatuur, is het belangrijk de in onderstaande tabel genoemde acclimatiseringtijd in acht te nemen:



Toename in temperatuur


Hoeveelheid5 0C10 0C15 0C20 0C
1 pak3 uur5 uur9 uur15 uur
1 doos (5 pak)5 uur10 uur16 uur24 uur
1 doos (10 pak)7 uur14 uur21 uur36 uur
1 pallet14 uur24 uur38 uur72 uur

Download Papierloop problemen voorkomen en oplossen [PDF, 322KB] >

< terug naar overzichtspagina



Papierstoringen oplossen en voorkomen

Deze procedure beschrijft het oplossen (en voorkomen) van papierstoringen op de printers. De papierstoringen kunnen veroorzaakt worden door een onjuiste instelling van de papiergeleiders. In onderstaande procedure wordt uitgegaan van het



1. Verwijder de papierlade uit de printer.

Verwijder-de-papierlade-uit-de-printer

2. Zorg ervoor dat alle papiergeleiders staan ingesteld op het juiste formaat (A4). Er is een “klik” hoorbaar als het formaat goed is ingesteld.

Zorg ervoor dat alle papiergeleiders staan ingesteld op het juiste formaat (A4)

LET OP !
Als het papier goed “opgesloten” ligt (de papiergeleiders zo ver mogelijk naar het papier toe) staat de papiergeleider NIET op het juiste formaat maar tussen A4 en LTR. Dit veroorzaakt juist papierstoringen, de papiergeleider moet dus op A4 staan.



Download Papierstoringen oplossen en voorkomen [PDF, 190KB] >

< terug naar overzichtspagina



Functie Automatisch Uitschakelen / Auto Shutdown Function

Per 1 januari 2013 is EuPLot6, een Europese richtlijn, onderdeel van de richtlijn op “Eco-Design of Energy-using Products”, in werking getreden. Om te voldoen aan deze Lot6 (Stand by Power) richtlijn, is uw imageFORMULA DR-6010C / DR-6030C voorzien van een “Automatisch Uitschakelen” functie. Voor meer informatie omtrent deze richtlijn bezoekt u: http://www.eceee.org/

Om ons milieu te sparen is uw scanner tevens voorzien van een automatische slaapfunctie om het energieverbruik terug te dringen. De standaard fabriek instellingen zorgen er voor dat de scanner na 10 seconden van inactiviteit in slaapmodus gaat. U kunt deze periode kunt verhogen tot maximaal 240 minuten. Echter wij raden u aan de standaard instelling te gebruiken. Voor gedetailleerde informatie omtrent het energieverbruik kunt u de gebruikershandleiding raadplegen.

Om de impact op ons milieu nog verder te reduceren zal uw scanner zichzelf automatisch uitschakelen na 4 uren van inactiviteit*. Alhoewel wij aanraden de standaard instelling te gebruiken kunt u deze functie zelf uitschakelen.

Om de functie Automatisch uitschakelen

Om de functie “Automatisch uitschakelen” te deactiveren, opent u de scannereigenschappen in het configuratiescherm op uw PC. Op de tab Onderhoud, haalt u het vinkje weg bij de optie “Automatisch uitschakelen na 4 uur”.

In dit scherm kunt u tevens de tijdsduur veranderen waarna de scanner in slaapmodus gaat.

* Indien de “Automatisch uitschakelen” functie van de scanner is ingeschakeld, zal de scanner zichzelf automatisch uitschakelen indien er géén handelingen meer verricht worden binnen 4 uren. Om de scanner weer te kunnen gebruiken dient de hoofdschakelaar uit- en weer aangezet te worden. Nadat u de hoofdschakelaar uitgezet heeft, dient u minimaal 5 minuten te wachten voor u deze weer aanzet. Indien u vóór afloop van deze 5 minuten de scanner weer aanzet, zult u nogmaals 5 minuten moeten wachten.






Download Automatische uitschakeltijd aanpassen (via bedieningspaneel) [PDF, 435KB] >

< terug naar overzichtspagina



Kleurtoewijzing (color mapping)

Omschrijving:
Kleurtoewijzing (color mapping) is een functie in de controller die gebruikt kan worden om kleuren in een te printen file om te zetten naar een “aangepaste” kleur. Onderstaand vindt u een beschrijving om de optie “kleurtoewijzing” succesvol toe te passen op de PRISMAsync controller. Over dit onderwerp en de diverse punten in het stappenplan kunt u in de handleiding van de controller meer gedetailleerdere informatie vinden.


Inhoud:

A. Kleurtoewijzing, overview

B. Workflow inrichten

C. aanroepen van de workflow

D. attentiepunten

A. Kleurtoewijzing, overview

Onderstaand treft u een schematisch overzicht van de volgorde zoals kleurtoewijzing werkt in de PRISMAsync controller.

A-Kleurtoewijzing, overview

B. Workflow inrichten

Volgens onderstaande afbeelding moet er voor het inrichten van de correcte workflow een viertal stappen doorlopen worden.

B Workflow inrichten

1. Om gebruik te maken van kleurtoewijzing kun je een bestaande steunkleur als doelkleur gebruiken. In dit voorbeeld maken we echter gebruik van een nieuwe steunkleur. Doe dit in de settings editor onder steunkleuren

1-Om gebruik te maken van

2. Maak een kleurtoewijzing voor de kleur die omgezet moet worden. Doe dit door in de setting editor onder kleurtoewijzing eerst een nieuwe groep toe te voegen. Voeg hierna een kleur toe die je om wil zetten.

Denk ook aan de instelling m.b.t de tolerantie. Bij gebruik van de instelling 0 moet de RGB instelling exact overeenkomen met de kleur in het document voordat omzetting plaats vindt. Op waarde 1 zit hier een iets bredere spreiding op.

2-Maak een kleurtoewijzing

3. Maak een vooraf ingestelde kleur aan waarin de zojuist aangemaakte groep voor kleurtoewijzing wordt geselecteerd. Doe dit in de setting editor onder standaard kleurinstellingen

2-Maak een kleurtoewijzing

4. Maak nu een workflow aan waarin deze vooraf ingestelde kleur wordt opgenomen Doe dit in de setting editor onder geautomatiseerde workflow

4- Maak nu een workflow

C. Aanroepen van de workflow

Gebruik maken van de functie “kleurtoewijzing” doet u door de reeds aangemaakte workflow aan te roepen vanuit een hotfolder of vanuit de printerdriver. Hoe dit dient te gebeuren ziet u onderstaand.

C-Aanroepen van de workflow

via Hotfolder:

Maak een hotfolder aan en selecteer hierin de workflow die eerder is aangemaakt.

Een handige manier om de hotfolder te gebruiken is om deze op de desktop te plaatsen waarna men files in de hotfolder kan slepen.

via Hotfolder

via de driver:

Maak een hotfolder aan en selecteer hierin de workflow die eerder is aangemaakt.

Open vanuit de applicatie de driver en stel onder werkstroom de aangemaakte werkstroom in.

via de driver

D. Attentiepunten

1) Het succesvol gebruiken van kleurtoewijzing is afhankelijk van ingestelde media en de gebruikte raster instelling. In een document kan gebruik gemaakt worden van twee verschillende rasters. Houd er rekening mee dat een steunkleur voor beide rasters moet worden aangepast.

2) Let op bij het geven van de diverse benamingen. De aangegeven naam moet exact overeenkomen met diegene die je in een volgende functie aanroept.







Download Kleurtoewijzing (color mapping) [PDF, 605KB] >

< terug naar overzichtspagina



Neem contact op met de ondersteuningsafdeling




Let op: opgegeven informatie in de e-mail wordt uitsluitend gebruikt voor het beantwoorden van uw vraag. Persoonlijke gegevens worden niet gebruikt voor marketingdoeleinden of om u te informeren over andere producten en services waarin u mogelijk bent geïnteresseerd.

Belangrijke mededeling!

Sommige internetproviders blokkeren mogelijk onze antwoorden omdat ze deze als ongewenste berichten beschouwen. Als u zeker wilt zijn van een reactie op uw vraag, raden we u aan om donotreply@support.canon-europe.com aan uw adresboek toe te voegen.

  • Canon
  • ...
  • SUPPORT FAQ en HELP NL