Is er een foto die er voor jezelf uitspringt?

“Dat zijn er vele, maar een voorbeeld is die van een zeearend in de Oderdelta in Polen. Deze vogels vliegen achter de vissersboten om op voedsel te azen. Ik zat al drie dagen achter op de boot en tot op de vierde en laatste dag van de opnamen had ik alleen nog maar ruggen van de zeearenden kunnen fotograferen. De windrichting en het licht waren erg ongunstig die dagen. Tijdens een laatste poging kwam er een arend recht m’n beeld in vliegen. Ik vroeg de schipper een stukje naar achteren te varen en kreeg de arend precies goed in mijn zoeker. In een fractie van een seconde maak je een aantal opnamen. Dan zie je tot je grote geluk dat een scherpe foto hebt waarbij de zeearend net een vis in z’n klauwen heeft en weer opstijgt. De focus staat in de ogen van de arend duidelijk te lezen. Zo’n foto geeft een gigantische kik omdat je weet hoeveel moeite het heeft gekost om zo’n shot te maken!”

“Een andere foto die me te binnen schiet is er een van twee vechtende Bengaalse tijgers in India. Bijzonder omdat ik iemand ken die in het gebied al zeven jaar komt en dit nog nooit gezien had, terwijl ik daar tijdens mijn eerste bezoek direct op getrakteerd werd. Bovendien maakt het besef dat de Bengaalse de tijger in het wild met uitsterven wordt bedreigt deze foto ook extra special.”

Over welke eigenschappen moet je als natuurfotograaf bezitten?

“Allereerst is veel kennis van de natuur en de dieren die daarin leven belangrijk. Ook doorzettingsvermogen en een goede fysieke gesteldheid zijn belangrijk, aangezien je vaak lange afstanden aflegt in steile berggebieden. Maar vooral passie voor de natuur vormt een drive om uiteindelijk tot het gewenste resultaat te komen.”

Welk materiaal en welke functies gebruik je voor je werk?

“Voor het vastleggen van een dier in actie heb ik een snelle camera nodig. Op dit moment gebruik ik de 1D Mark III met twee L objectieven, namelijk de 300 mm 2.8 IS en de 500 mm f/4. IS. Daarnaast heb ik nog een hele range aan zoomobjectieven voor landschappen en uiteraard een macro-objectief. Ik werk graag met vaste brandpuntsafstanden omdat dit optisch de crème de la crème betekent en bovendien in de autofocus sneller is.”

“Uitgaande van de 1D Mark III gebruik ik voornamelijk de ‘diafragma voorkeuze’ en stel ik de camera in op ISO-waarde 200. Daarnaast schiet ik met name op highspeed in de  transportmodus. Voor het autofocus systeem geldt dat ik bij AI-servo altijd focusprioiriteit geef en dan scherpstellen in het centrale punt. Voor mijn gevoel is dit de snelste vorm.”

Welke tip heb je voor de serieuze amateurfotograaf?

“Neem voordat je gaat fotograferen de tijd en rust om van te voren je camera goed in te stellen. Om een actiefoto te maken moet je een korte sluitertijd hebben, want een zeearend knalt met zestig kilometer per uur over het water en dan ga je met 1/250ste behoorlijk de mist in. Vaak betekent een korte sluitertijd zoals 1/1000ste dat er een grote diafragma opening gebruikt moet worden wat weinig scherptediepte geeft. Dit zorgt ervoor dat je goed moet richten op het gedeelte van het dier dat je scherp op beeld wilt hebben. Dit zorgt ervoor dat je goed moet richten op het gedeelte van het dier dat je scherp op beeld wilt hebben.”

Waar liggen je ambities voor de toekomst?

Naast het veelvuldig geven van fotoworkshops en het maken van reportages is Steven Ruiter nu ook bezig met een boek.

“Mijn ambitie is om het boek over natuurfotografie wat ik momenteel samenstel uit te geven. Een levenswerk in de vorm van een boek waarin ik een boodschap en enthousiasme over kan brengen op andere mensen vormt een bekroning op mijn werk.”

Voor meer informatie over foto’s en workshops van Steven Ruiter zie
www.stevenruiter-photography.nl

spacer
					image